In eerste instantie leek het interessant, zo'n gasmasker. Maar al snel kreeg ik de pest aan dat onding. Na een korte uitleg kregen we de gas-doop in een speciale bunker. Daar werden traangaspatronen afgeschoten. Pas als de sergeant ons daartoe opdracht gaf, moesten we het gasmasker tevoorschijn halen en om het hoofd binden. Tot dan moesten we onze adem inhouden en zagen we geen hand voor de ogen. Na deze eerste oefening renden we hoestend en proestend met betraande ogen weer naar buiten. Maar dat was nog niet alles. Daarna moesten we weer de bunker in. Maar niet voordat we onze tas met masker hadden afgegeven aan een dienstmakker.
Na weer een wachtperiode gaf de sergeant het sein om het gasmasker op te doen. Maar toen moesten we eerst onze makkers vinden, die ons masker hadden. Die makkers zelf waren ook op zoek naar hun eigen masker, dus chaos in de bunker. Geschreeuw, gevloek, vreemde gorgelende geluiden, hoesten, proesten, schelden en......toen ging de deur weer open.
Afgezien van de bekende gas, gas, gas alarm, waarbij je als de sodemieter je gasmasker moest opzetten, was met name het lopen van een mars met masker op een ware hel. Nee, niet in de snijdende kou, maar in de zomer met de zon op je helmpie. Zwaar zwetend en nauwelijks zicht. Want in dat masker zat gewoon glas, wat voor met name brildragers funest was. Glazen op sterkte zouden verstrekt worden als er oorlog uitbrak. Die glazen hebben wij dus nooit gezien. Gelukkig maar.
Op stap in Goslar (D)
Met name tijdens oefeningen in het voormalig West Duitsland mochten we een paar keer (!) zomaar stappen. Hoewel, dat was één keer echt stappen, de overige keren met de hele meute onder toezicht. Ik herinner me nog wel een bezoek aan een discotheek in Paderborn. We zijn ook aan de Oost Duitse grens geweest en hebben op een zondag een bezoekje gebracht aan het Duitse stadje Goslar, dat ten zuidoosten van Hannover ligt aan de noordkant van de Harz. Een mooi gebied trouwens. Daar bezochten we een paleis, Kaiserpfalz. In het centrum van dat pittoreske stadje hebben we een terrasje gepakt. Die dag herinner ik me vooral, omdat het prachtig zomers weer was.Toen in het nieuws
Er waren natuurlijk ook allerlei andere toestanden in en rond de militaire dienst(plicht). Ik heb een aantal krantenknipsels van toen bewaard.
Wat een ellende!
Ik las ergens dat een legeroefening is geannuleerd, omdat 'het materieel niet beschikbaar is'. Dat laatste is een politiek correcte uitspraak. Een gewoon mens zegt dat de boel, in dit geval legervoertuigen, weer kapot is. Ik schrijf 'weer', want het is geen incident maar een structureel probleem. Gelukkig krijgen de militairen na het pang! pang! debacle (geen geld voor munitie) nu dus geen stokpaardjes als alternatief om voor Jan met de korte achternaam te lopen.
De contributie voor het lidmaatschap van de NAVO is altijd al een groot probleem geweest. Het zal mijn tijd wel duren. Misschien komt er een echt slimme (geen sluwe) minister, die de hele zaak eens naar een hoger niveau tilt. Door vanuit het lidmaatschap van de NAVO en de EU een beleids- en strategisch plan op te stellen. Op die manier zou men een efficiënt en effectief leger kunnen opzetten (als onderdeel van een groter geheel) met kwalitatief goed materieel en materiaal. Liever een professioneel uitgeruste en getrainde kleine groep, dan een grote, rammelende chaos waarmee men van alles wil maar weinig tot niets kan. Onze militairen verdienen beter en minder risico's.
De contributie voor het lidmaatschap van de NAVO is altijd al een groot probleem geweest. Het zal mijn tijd wel duren. Misschien komt er een echt slimme (geen sluwe) minister, die de hele zaak eens naar een hoger niveau tilt. Door vanuit het lidmaatschap van de NAVO en de EU een beleids- en strategisch plan op te stellen. Op die manier zou men een efficiënt en effectief leger kunnen opzetten (als onderdeel van een groter geheel) met kwalitatief goed materieel en materiaal. Liever een professioneel uitgeruste en getrainde kleine groep, dan een grote, rammelende chaos waarmee men van alles wil maar weinig tot niets kan. Onze militairen verdienen beter en minder risico's.
Mijn FAL
![]() |
| rustend naast mijn FAL op tweepoot |
Bij dat geweer behoorde nog wat accessoires. Zoals een doosje met schoonmaakgereedschap inclusief een lege patroon en een rode stop. De patroon was bedoeld om het laden te testen. De dop werd op de vuurmond geschroefd als we losse flodders schoten. Dan spuwde hij geen vuur. Die stop mocht nooit mee naar de schietbaan. Er hoorde ook een draagriem en bajonet bij dat geweer. De zwarte, stalen bajonet annex mijnenprikker moest over de 'schiettapmondingsvlamdemper' (goed voor Scrabble!), de vuurmond van de loop, heen geschoven worden en zat dan vergrendeld met een sluitsysteem. De bajonet zat standaard in een foedraal die aan de riem gehangen kon worden.
Het wapen beschikte over twee steunen, die uitgeklapt konden worden. Het kon zowel losse schoten afgeven als semi automatisch vuren. Het vizier was standaard afgesteld op 250 meter.
De FAL kon ook granaten afvuren. De FAL moest dan met de kolf op de grond geplaatst worden. Op de loop werd de granaat gemonteerd, die dan afgeschoten werd. Dat heb ik niet mogen aanschouwen, ook vanwege de kosten. Ja, het leger was vergeven van de kruideniersmentaliteit. Tot aan het eind van een boekjaar. Dan werd er met geld gesmeten, vooral via zinloze oefeningen. Boven de plaats waar het magazijn zich bevond, was een draagbeugel.
Het wapen werd bewaard in de wapenkamer. Mijn FAL had wapennummer 53095. Dat nummer was in een metalen plaatje gegraveerd. Zodra ik het geweer van zijn plek in de wapenkamer haalde, moest ik dat plaatje op zijn plaats hangen. Als de FAL in de wapenkamer was, hing het plaatje in mijn kast. Ik heb met de FAL heel wat schoten gelost. Zowel met scherp als met losse flodders. Zowel losse schoten als automatisch. Ik weet niet meer hoe vaak ik dat wapen gedemonteerd en weer gemonteerd heb. Ook geblinddoekt. We hebben samen ook heel wat kilometers afgelegd. Ik heb dat ding één keer laten vallen. Dat resulteerde in 50 keer opdrukken. Ik pakte hem een keer tijdens een nachtoefening op, maar had niet in de gaten dat ie tegen schrikdraad stond. Met die FAL heb ik menige nacht doorgebracht. Hij lag ook in mijn slaapzak. En toch is die FAL nooit mijn ding geworden. Ik bleef het een onding vinden voor het veldwerk. Nee, dan liever een kruisboog.
Een matennaaier
In groepsverband opereren vergt veel van elkaar. Je moet elkaar kunnen vertrouwen en op elkaar kunnen bouwen. Hoe gek het ook mag klinken, militairen zijn net mensen. En dus zijn er ook militairen, die de zwakke schakels in de groepsketting zijn.
Er kunnen zich situaties voordoen, die de samenhang in de groep onder druk zetten. Het zijn dan de zwakke schakels die aan de druk toegeven. Soms om een wit voetje te halen bij anderen (vaak het kader), soms omdat ze egotrippers zijn en blijven. Ze plegen verraad aan de groep door te gaan praten. Niet face to face met degene wie het betreft, maar achter diens rug om. Men noemt ze matennaaiers. Lafaards. Matennaaiers zijn het ergste soort wat je in militaire dienst tegen kan komen. In wezen zijn ze je grootste vijand.
Matennaaiers worden uit de groep gestoten, genegeerd of gestraft. Afhankelijk van de aard van het verraad. Straffen kan op allerlei manieren. Van een wasbak speciaal tot een blanco-beurt of zelfs een aframmeling. Een matennaaier staat gelijk aan de vijand.
Matennaaiers zijn er ook in de burgermaatschappij. Daar zijn er veel meer. Ik kom ze soms nog tegen. Maar in het algemeen geldt, dat de mannen face to face shit over je uitgieten, maar achter je rug om aardig over je zijn. Heel anders dan in de burgermaatschappij, waar het vaak andersom is.
Er kunnen zich situaties voordoen, die de samenhang in de groep onder druk zetten. Het zijn dan de zwakke schakels die aan de druk toegeven. Soms om een wit voetje te halen bij anderen (vaak het kader), soms omdat ze egotrippers zijn en blijven. Ze plegen verraad aan de groep door te gaan praten. Niet face to face met degene wie het betreft, maar achter diens rug om. Men noemt ze matennaaiers. Lafaards. Matennaaiers zijn het ergste soort wat je in militaire dienst tegen kan komen. In wezen zijn ze je grootste vijand.
Matennaaiers worden uit de groep gestoten, genegeerd of gestraft. Afhankelijk van de aard van het verraad. Straffen kan op allerlei manieren. Van een wasbak speciaal tot een blanco-beurt of zelfs een aframmeling. Een matennaaier staat gelijk aan de vijand.
Matennaaiers zijn er ook in de burgermaatschappij. Daar zijn er veel meer. Ik kom ze soms nog tegen. Maar in het algemeen geldt, dat de mannen face to face shit over je uitgieten, maar achter je rug om aardig over je zijn. Heel anders dan in de burgermaatschappij, waar het vaak andersom is.
Miljarden voor Defensie?
![]() |
| Eeuwige Moordenaar? |
De enige dreiging komt uit politiek Den Haag, dat nog steeds geheel onnodig in de ruzie-mode staat met Rusland en achter Amerika aan hobbelt. Andere bedreigingen vormen landen als Turkije, Italië, Spanje en Griekenland. Maar ook uit Brussel en het Duitsland van Merkel. Maar tegen die economische dreiging wapenen we ons niet tegen. Integendeel. We laten ons nog steeds voor economische en militaire karretjes spannen.
We hebben met onze dure Marine schepen een paar keer opgetreden tegen zeepiraten. Met een superduur kanon op een paar muggen schieten. Nou, nou, da's een heuse Willemsorde waard. In landen als Irak, Afghanistan, Syrië enz. hebben we helemaal niets te zoeken. Dat is Amerikaanse bemoei-politiek met miljoenen onschuldige doden tot gevolg. Mede dankzij onze militaire inzet. Laten we daarmee snel ophouden. Voor ouderen, daklozen en armen is geen geld. Voor oorlogvoeren zijn telkens weer miljarden te vinden.
Abonneren op:
Posts (Atom)







